De ‘identiteit van de dader’

Bij de rechtbank in Amsterdam begon gisteren, 25 november, het proces over de dood van de 17-jarige Lisa uit Abcoude. Lisa werd ‘s avonds op weg naar huis van haar fiets getrokken, verkracht en vermoord. Agenten vonden haar lichaam in de berm langs het water aan de Holterbergweg.

Er werd al snel een man opgepakt die verdacht wordt van de moord op Lisa. Hij wordt ook verdacht van een aantal andere verkrachtingen.

Hoewel de verdachte is opgepakt en in het beklaagdenbankje voor de rechtbank zat, is hij ‘nog niet geïdentificeerd’. Wat zijn identiteit betreft zijn er slechts vermoedens. Hij komt vermoedelijk uit Nigeria. Zelf zegt hij dat zijn voornaam Chris is. Zijn achternaam weet hij niet. Hij zou 22 jaar oud zijn. Maar ook al weten we zijn naam, kennen we dan de identiteit van de dader?

De vraag naar ‘de identiteit van de dader’ intrigeert me. Wat kunnen we daarmee bedoelen? De dood van de 17-jarige Lisa leidde tot een schokgolf door heel Nederland. Het incident staat namelijk niet op zich. Er worden dagelijks vrouwen lastig, gevallen. We horen van incidenten op staat. Maar ook achter de voordeur en op het werk vindt het plaats. “Een schandvlek op onze samenleving” volgens de burgemeester van Amsterdam, Halsema. Iedereen kent het uit zijn of haar omgeving. Een collega van mij werd op weg van haar werk naar huis door een man overvallen en verkracht. Haar leven stortte in. Ze kwam maanden haar deur niet meer uit. Ze verhuisde. Weg van hier. Ik was haar vergeten.

De verdachte vertelde de politie dat hij opgroeide in weeshuizen. Hij zou keer op keer uit opvanghuizen zijn weggestuurd. Chris werd opgepakt in het asielzoekercentrum in Rotterdam. Het verhaal deed me denken aan mijn inmiddels volwassen ‘neef’, het adoptiekind dat mijn zus toen hij ongeveer 2 jaar was, uit een weeshuis in Colombia adopteerde. Hij groeide op voor galg en rad, drugs, alcohol, jeugdzorg kreeg geen vat op hem. Een typisch geval van ‘een bodemloos bestaan’ op zoek naar de geborgenheid van een sociale identiteit. Hoeveel bodemloze kinderen groeien niet dagelijks op in onze oorlogsgebieden, Soedan, Gaza, Oekraïne?

De vraag naar de identiteit is de vraag “waar kom jij vandaan?”. Het is de vraag waarmee menig kleurling regelmatig geconfronteerd wordt. Het is de vraag naar de identiteit waarover de schrijver Johan Fretz, zijn moeder is Surinaams, in Onder de Paramariboom schrijft. Waar kom je vandaan? is de vraag naar de grond, de bodem, de plek waar je moeder je stompje navelstreng begroef. Chris lijkt een van de velen die een bodemloos bestaan lijden, vluchteling van azc naar azc.

In het proces tegen Demjanjuk was het probleem te bewijzen dat deze man dezelfde was als de kampwacht die door verschillende slachtoffers geidentificeerd werd als ‘Ivan de Verschrikkelijke’. Dit terwijl de verdenkingen tegen hem erg sterk waren. Als een ‘verdachte’ dezelfde vingerafdrukken heeft als degene die de dader is van een misdaad, dan kunnen we sterke vermoedens hebben dat de ‘verdachte’ dezelfde is als de ‘dader’. Maar een bewijs? In het geval van Lisa is er voldoende DNA bewijs. Dat is het probleem niet. Het gaat hier om de relatie man/dader vrouw/slachtoffer.

De vraag naar de identiteit van ‘de dader’ houdt me bezig. Nu is ‘de dader’ niet meer deze man die zich Chris noemt en die hier in de beklaagdenbank zit. Het gaat niet meer over dit ‘incident’. Het gaat om het verschijnsel, de cultuur, de verkrachting van de vrouw in onze cultuur. De vraag naar de identiteit van de dader is de vraag naar de bron van dit gedrag. Waar komt het vandaan? Het is de vraag waar in al die talkshows en rapporten om heen wordt gelopen, als om de hete brei.

Natuurlijk, er zijn verschillende daders. Femicide betreft het doden van vrouwen door een mannelijke partner, echtgenoot of vriend. Vaak is erewraak in het spel: de man voelt in zijn eer en goede naam aangetast door zijn vrouw wanneer deze er blijk van geeft haar eigen weg te willen gaan. Maar Chris kende zijn slachtoffers niet. Wat is zijn relatie met de vrouw die hij aanrandde en van het leven beroofde?

Chris zegt dat hij stemmen hoorde. Een neef van mij hoorde ook stemmen. De familie meende dat zijn drugsgebruik, ‘hij is aan de wiet’, daarvan de oorzaak was. Het is een bekend fenomeen. Was Chris behekst door stemmen die hem er min of meer toe verleidden vrouwen lastig te vallen? Wat dreef hem ertoe?

Zou hij zelf het woord ‘heks’ kennen. Of ‘feeks’? Begint het misbruik al in het taalgebruik?

Wat weten we van de dader van grensoverschrijdend gedrag tegenover vrouwen? Dat het mannen zijn.

De TV-serie Sambre (2023) gaat over de jacht op een seriemoordenaar die vrouwen aanviel langs de rivier de Sambre in Noord-Frankrijk, en de langdurige gevolgen die dit had voor de slachtoffers. De serie wordt momenteel uitgezonden. Wat opvalt. Het politieteam belast met de jacht bestaat uit uitsluitend mannen. Christine, het eerste slachtoffer, wordt door een man verhoord. (Wij mogen toch hopen dat in ons land het slachtoffer door een vrouwelijke agente wordt ‘verhoord’.) Nadat ze hortend en stotend haar verhaal heeft gehouden vraagt de agent: Wilt u aangifte doen? op een toon die verraadt dat hij dat liever niet heeft, want ‘we hebben wel wat anders te doen‘. Ook krijgt Christine te horen ‘dat ze geluk heeft gehad.’ Dat ze nog leeft. Lisa overleefde het niet. Het leven van Christine en van de andere slachtoffers ligt in puin. Ze is een wrak, zoals mijn collega een wrak was en niet meer naar buiten durfde. De dader is een man. De kijker kent hem. Hij is een graag geziene gast. Populair bij zijn collega’s. Jeugdcoach van een voetbalteam. Zo te zien niks mis mee. Maar toch. Ook een prins of een president of een regisseur van een tv-show kan een verkrachter zijn. Dus waarom een voetbalcoach niet.

Maar hebben we daarmee het antwoord op de vraag naar ‘de identiteit van de dader’? Wat is de bron? Moet er beheksing zijn, een of andere vorm van demonisering van het slachtoffer. Vaak hoor je dat de dader op het moment van de daad ‘in een psychose’ was, soms wordt hij ‘ontoerekeningsvatbaar’ verklaard. De dader wordt slachtoffer van de ‘omstandigheden’.

De vraag naar ‘de identiteit van de dader’ is nog lang niet opgelost. Ook als de dader van de moord op Lisa veilig achter slot en grendel zit. Daarmee is het probleem niet opgelost. Hoe veranderen we de ‘omstandigheden’ van de dader?

Published by

admin

Rieks op den Akker was onderzoeker en docent kunstmatige intelligentie, wiskunde en informatica aan de Universiteit Twente. Hij is gepensioneerd.

Leave a Reply